WEETJES OVER BOOMSE BROUWERIJEN – BIEREN – CAFES

image_pdfimage_print

Gelegenheidsbrochure Open Monumentendag ’94

Terug naar overzicht jaarboek 1994-1995

door MARCEL VEREYCKEN 
(Foto: Brouwerij Rolaf/Lamot©Postkaartenarchief gemeente Boom)

Op uitstappen met de vrienden hoort onafscheidbaar de zangstonde. Telkens scheert het liedje van A. Preudhomme de hoogste toppen van de hit-parade.
“In de Brugse catechismus staat geschreven kort en goed
dat men spijzen al wie honger en wie dorst heeft laven
moet. Pintje klinken, pintje drinken Jongens wat een zaligheid
Wij doen mede aan het tweede werkje van barmhartigheid
Schuimend biertje, wat pleziertje bruine buik met witte kol
kom Marleentje, tap nog eentje, vul de glazen boordevol. ”


Is het dan verwonderlijk dat ik, ter gelegenheid van Open
Momumentendag 1994, even mijmer over de manier waarop vele nut standing Boomenaars, onze brouwers en cafébazen “de dorstigen laven” begrepen en gerealiseerd hebben.

Want Boom was een dorp van eminente brouwers, stoere cafébazen
en natuurlijk ook van stevige drinkers. Brouwen zat eeuwenlang
de Boomenaars in ’t bloed. In 1627 vinden wij reeds de Brouwerij
Lieve Vrouwe “op den Amer, tegen de Steylse Kille” vermeld en
even later ook de brouwerij ” ’s Graeven Amer”.

’n Goede tweehonderd jaar later (1843) is het aantal brouwerijen
opgelopen tot 17 eenheden, die terug te vinden zijn onder soms
wel een gewijzigde benaming.

1. Brouwerij De Rolaf
2. Bier- en Azijnbrouwerij F. Eyckmans
3. Brouwerij De Boeck
4. Brouwerij Ch. Rijpens
5. Brouwerij J. Reyniers
6. Bier- en Azijnbrouwerij W. Van Reeth
7. Brouwerij J. Van Reeth
8. Brouwerij Huybrechts
9. Brouwerij J. Lamot
10. Bier- en Azijnbrouwerij F. Mertens
11. Brouwerij Ed. Lamot
12. Brouwerij F. Steenackers
13. Brouwerij A. Van den Bril
14. Brouwerij Lamot-Rijpens
15. Brouwerij R. Scheil.
16. Brouwerij Wwe. A. Sel
17. Brouwerij E. Reyniers
18. Brouwerij F. Maes
19. Brouwerij Gebr. De Wachter
20. Brouwerij G. Van Crombruggen
21. Brouwerij kinderen Maes
22. Brouwerij gebroeders Sel
23. Brouwerij J. Hubert
24. Brouwerij De Kepper

Wanneer onder druk van de omstandigheden op 30/1/1897
de brouwersbond van Boom en Omliggende Plaatsen wordt opgericht, vinden wij vele van deze brouwerijen terug als leden van den Bond. We kijken even de tekst in van de bijeenroeping van alle Heren Brouwers van Boom en ’t verslag van deze vergadering.
Brouwersbond van Boom en Omliggende Plaatsen. gesticht 30/1/1897.

 

Aan al de heren Brouwers van Boom,

Wij verzoeken Ued. de vergadering te willen bijwonen op
maandag 1 februari om 7 uur ’s avonds bij den heer S. Steenackers.
Aanvaardt Mijnheer onze beste groeten, Geteekend : G. Huybrechts Adolf Lamot, Louis Lamot.

Verslag der zitting van 1 februari 1897.

Mr. G.Huybrechts opent de zitting, na enige woorden van dank
aan de Heeren Brouwers voor hun algemene opkomst doet hij het
doel van de vergadering kennen.

Verschielige brouwers verkoopen te Boom sedert eenigen tijd
het bier aan mindere prijzen namelijk de ton Faro aan 18 Franken
en de ton Halve Gersten aan 12 Franken.

Deze afslag welke weldra algemeen zou worden zoo wel voor
de Burgerskalanten als voor de herbergiers zou de grootste
verliezen aan de Brouwerij doen ondergaan.

Zijn de Heeren Brouwers van gedacht om aan de verminderde
prijzen blijven te leveren?

Eenparig is de vergadering van gevoelen deze fout nimmer te
begaan en de oude prijs te houden zoowel voor verplichte als
onverplichte kalanten.

Zijn er herbergiers welke zouden voortgaan zich te voorzien
van bier aan mindere prijzen zoo zal men hunne namen bekend
maken om hen aldus te dwingen hun bier van mindere kwaliteit
af te slagen voor de verbruikers.

Deze afslag welke niet minder als 2 centiem per halve lieter
zou kunnen bedragen zou een vermindering van 6 Franken per
ton Faro daarstellen tegen 2 Frank afslag per ton van wegens
den Brouwer of een verlies van 4 Franken voor den Herbergier.
Deze beweegreden bekend maken vindt men hoogst noodig en van
allergrootst nut.

Een lid zegt dat sommige Brouwers voor een som van vijftig Franken
tussenkomen in het te betalen recht voor den Genever.
Dit gaat gelijk met een afslag van bier en is daarenboven af te
keuren voor een Brouwer die aldus den verkoop van den Genever
aanmoedigt.

Al de aanwezigen zijn het eens om te verklaren dat zulks niet meer
mag geschieden van den oogenblik dat zooals nu dat men over een
dezelfde prijs is overeengekomen.

De vergadering is van gevoelen dat het nodig is zoals de andere
nijverheden doen een associatie van Brouwers te stichten,
alle soortige gevallen kunnen zich voordoen waarvoor eene algemene verstandhouding der Brouwers noodzakelijk is onder andere de kwestie van den draf: deze dreigt een groote concurrent te krijgen in den Pulp.

Een voorlopige Commissie wordt gevormd bestaande uit de drie Heren ondertekenaars der eerste bijeenroeping
Mr Gustaaf Huybrechts, voorzitter, Mr Adolf Lamot en Mr. L.Lamot, secretaris.

Volgende brouwerijen sloten in 1897 aan als leden van de
Brouwersbond van Boom en omliggende plaatsen.

BROUWERSBOND VAN BOOM EN OMLIGGENDE PLAATSEN. GESTICHT IN 1897

L E D E N L I J S T
————————————————————-

  • BOOM
  • HUYBRECHTS Gustave, Tuyaertsstraat
  • LAMOT Louis, Veerdam ( Kaai )
  • LAMOT Adolf, Kerkstraat
  • VAN DEN BRIL Alfred, Grote Markt
  • BRIAT Emiel
  • LAMOT Herman (later Jos. LAMOT)
  • (Hubert) STEENACKERS Albert
  • DE KEPPER-REYNIERS Emiel,Vrijheidsstraat
    (nu Col. Silvertopstraat)
  • VAN REETH Casimir & Emiel, Antwerpsestraat
  • MAES Henri, Hoek
  • SEL Michel, Vrijheidstraat
  • DE BOECK Jules & Edmond, Antwerpsestraat
  • VAN CROMBRUGGEN Gustave, Kerkstraat
  • DE WACHTER Gebroeders, Molenstraat

    NIEL

  • D’HOOGHE
  • MEVROUW LAMOT
  • DE SMEDT-LAMOT

    RUMST

  • VAN DEN WIJNGAERT
  • NAGELS
  • VERREPT

    TERHAGEN

  • DE BEUKELAER
  • LOUIS LANDUYDT-SOMERS
  • SWENDEN

    WAARLOOS
  • MAES GEBROEDERS
  • SPRUYT

    KONTICH

  • HUYBRECHTS
  • VAN BREEDAM

    HEFFEN

  • VERSCHUEREN

    EIKEVLIET

  • VAN HOOYMISSEN Désiré (later MOMROY)
  • VERSTRAETEN JAN
  • GENIETS

    BLAESVELT

  • VAN ROY ( VAN ROEY ?)
  • VAN DEN BOGAERT

    WILLEBROEK

  • MERTENS Emiel
  • LAMOT Désiré
  • VAN DEN BOGAERT
  • DE JONGHE Edgar
  • MINAZIO

    TISSELT

  • DE WIT

    BREENDONK

  • MOORTGAT

    ST.AMANDS

  • REYNIERS Joseph

    WINTAM

  • MUYSHONDT-GENIETS

    HINGENE

  • VAN KERCKHOVEN- ROELANDTS

    BORNEM

  • CAMMAERT

    LIEZELE

  • VAN ASSCHE

    AARTSELAAR

  • VAN BRANDT
  • DE BOECK
  • PAUWELS Francis

    REET

  • DE MEULDER
  • PHARAZYN
  • DE WEERDT

    SCHELLE

  • SCHOESETTERS
  • WACHTERS

    HEMIKSEM

  • BOEY Louis
  • VAN CONINCKXLOOY
  • SEELDRAEYERS
  • VERBEECK
  • LES BRASSEURS REUNIS (soc.coop.)

    Vermeld zonder gemeente

  • SPRINGAEL April 1897
  • VLOEBERGHS 1923
  • CUYKENS 1/5/97
  • DE MEYER Leon 1/5/1897
  • VAN DER MEIR 5/6/1897

    De voorlopige Commissie, aangewezen op de vergadering van 1.02.1897, leverde flink werk en verkreeg op de algemene vergadering van 03.04.1897 de goedkeuring van het Reglement van den Brouwersbond van Boom en omliggende plaatsen. Het reglement, gedrukt bij de Drukkerij van E.J. Olbrechts, Hoogstraat 8 werd in boekvorm uitgegeven, bevatte 7 hoofdstukken, 28 artikelen en 10 wijzigingen.Na 10 jaar werking van de bond werd volgend activiteitsverslag voorgelegd

    Boom, 1 Februari 1907
    Verslag der werkzaamheden van den Bond gedurende de 10 jaren periode van 1/2 1897 tot 1907.
    ———————————————————-
    Mijnheeren,
    Bij den aanvang van dit verslag, acht ik het mij als een ware
    plicht een welverdiende hulde te brengen aan de nagedachtenis van de leden welke de onverbiddelijke dood heeft ontnomen gedurende ons tienjarig bestaan.

    Wij hadden vooreerst in 1900 het verlies te betreuren van den
    Heer Emile Briat medestichter van onzen bond. Kortelings na den dood van den Heer Briat, in 1901 werden wij in den rouw gedompeld door het afsterven van den Heer D’Hooge van Niel, ondervoorzitter.

    In 1903, werd den heer Van Brandt van Aertselaer, bestuurslid van onze Associatie, ons ontrukt.

    Het waren drie van onze getrouwste en beste leden. Na het vervullen van deze droeve plicht, gaan wij over tot het ontstaan van onzen bond.

    Den 1° Februari 1897 over tien jaren dus, bijna dag op dag
    vergaderden voor de eerste maal de Boomsche Brouwers! Het was een algemeene jammernis van klachten: de eene confrater verkocht de ton faro aan 19 fr, de andere aan 18 fr, een derde had zelfs den prijs van 17,50 fr, toegestaan, de halve gersten werd verkocht tot aan 12 fr in plaats van 14 fr.

    Op de vraag of men op deze noodlottigen weg ging voortgaan en
    de Brouwerij tot den ondergang veroordeelen werd eenparig besloten tot de oude prijzen terug te komen en dezelfde te handhaven. De Herbergiers zou men overtuigen dat hun belang was, bieren van goede hoedanigheid in te nemen, dat ten andere, het verkoop van bieren van mindere kwaliteit aan verminderde prijzen, ook een afslag voor den verbruiker zou veroorzaken, en ten laatste nog een verlies voor hun, zou daarstellen.

    Het stichten van eene Brouwersassociatie werd dan ook beslist; het doel zou zijn: het standhouden der prijzen van het bier en de verdediging der algemeene en plaatselijke brouwersbelangen.
    De herbergiers zoowel als de Brouwers verstonden nog al wel
    hunne ware intresten!

    Aangemoedigd door dezen uitslag, noodigden wij de confraters
    van den omtrek uit op eene Vergadering gehouden den 27 Februari 1897: de besluiten genomen door de Boomsche Brouwers werden bekractigd.

    In zitting van 3 April, werd een bestendig bestuur gekozen en
    het reglement aangenomen,het getal leden beliep toen 27.
    De nieuwe maatschappij vergaderde in den beginne bijna maandelijks. Opsommen wat al nuttige instellingen en verbintenissen er tot stand kwamen zoude ons te ver brengen, vergenoegen wij ons met de voornaamste aan te stippen:

  • De verbintenis aangegaan(door het teekenen van 2 wissels en
    blanc) geen bieren aan verminderde prijzen te leveren, op straf
    van eene boete van 100 franken.
  • De inrichting van den Zwarten Boek voor het inschrijven der
    slechte betalers.
  • De aankoop in het gemeen van hop en klaarsel.
  • De verbintenis van geene bieren te leveren in elkaars
    verplichte herbergen op straf van boet.
  • Het contract aangegaan met ” La Continentale ” en later met
    “La Caisse Patronale” voor de verzekering der werklieden en der
    rijtuigen.
  • Het akkoord voor het geven der nieuwjaars.
  • Het verdrag om den inhoud der tonnen te bepalen op 165 liters
    met 3 liters tolérance.
  • De aanstelling van den heer Constant Rossaert voor het
    achterzoeken der slecht betalers.
  • Het verwittigen der confraters door gedrukte postkaarten bij
    ’t ontdekken van achtergebleven vaten.
  • Den opstel en uitgaaf van een werkplaatsreglement.
  • Den uitleg nopens de comptabiliteit der ledige vaten.
  • In 1901 stemde de Bond zijne aansluiting bij de algemeene
    Brouwersvereeniging van Belgie en nam aldus een werkelijk deel
    aan al de groote vraagpunten welke de Belgische Brouwerij
    bezig hield: onze voorzitter den Heer Gustaaf Huybrechts werd als afgevaardigde bij de Algemeene Brouwersvereeniging aangeduid.
  • De Brouwersbond hield eene bijzondere vergadering waar al de
    Brouwers van den omtrek uitgenoodigd waren tot de bestrijding van de inkomrechten op het mout, gerst en hop, een petitie werd
    verzonden en kennis werd er van gegeven den Heer Van Reeth,
    volksvertegenwoordiger van BOOM, den Heer Lefebre,
    volksvertegenwoordiger van Mechelen werd insgelijke aangesproken.
  • Wij teekenden verzet tegen der glazen, den taks op de densiteit.
  • Wij vroegen de uitbreiding der bevoegheid der rechters tot de
    handelszaken van min als 300 Fr waarde, en eindelijk stemden eene bijdrage voor de Huldebetooging Tack, voor de collectiviteit der Luiksche tentoonstelling en voor de opbeuring der Belgische
    Hopkweeking!

    Op wetenschappelijk gebied bleef onze Vereeniging ook niet ten achter: acht conferencies werden er gegeven: zoo hadden wij het genoegen den heer Van der Hullen, Bestuurder der Brouwersschool van Gent te hooren over de Verzekeringsmentaliteiten.

    De Heer Siret, van Antwerpen sprak over de Elektriciteit.
    De Heer Prosper Callebaut van Aalst over den Maïs.
    De Heer Arthur Van Roost van Werchter over de Sucre Interverti.
    De Heer De Smet, leeraar over: Het Brouwen.
    De Heer Miserez, Staatslandbouwkundige, over de Belgische Hop.
    De Heer Jacques Tonnaer, Brouwersingenieur over het gebruik aan het vergunningsrecht, de ijking nieuwe herbergen, het minimum van aan de Brouwersschool van Gent van den maïs.
    De Heer Verfaillie, scheikundige der Brouwersvereeniging van
    Antwerpen over het Brouwen en het drijven van het bier.
    Ten einde aan de vooruitgang van de Brouwerijwereld deel te nemen, richtte de Brouwersbond verschillende uitstappen in welke allen een leerrijk doel hadden. In 1899 deden wij een reisje naar Aalst-Hekelgem om de Aalstsche hopbeplanting te gaan bezichtigen, in 1900 naar Aalst en het hopkwartier, ten einde een brouwsel met maïs vervaardigd te gaan bijwonen bij den heer Van der Schueren, en de hopstreek nogmaals te bezoeken. In 1900 namen wij met onzen drapeau, in groot getal deel aan het Brouwerscongres Franco-Belge te Parijs.

    Talrijke vrienden (we waren wel samen met 30)
    vergezelden ons om de Wereldtentoonstelling te bezoeken. In 1902 bezochten wij Kortrijk, Harelbeke, de bakermat van den Genialen Peter Benoit, Vlamertinghe, Yperen, Veurne en Oostende, het land der Poperingsche hop, de brouwerijen Pollet, De Coninck en Dubois.
    In 1903 gingen wij een brouwsel met den filterpresse gemaakt,
    bijwonen bij den heer Van den Schriek te Thienen, doorliepen de
    werkhuizen Gilain en reisden verders naar Luik en Seraing alwaar
    wij een bezoek brachten aan de werken der aanstaande
    tentoonstelling, aan de Brouwerij Ortmans, en aan de werkhuizen Cockerill. Wij werden op bijzondere, gulhartige wijze, ontvangen door onze Luiksche Confraters !
    In 1904 beantwoorden wij aan de uitnoodiging der Brouwersvereeniging van Gent om aldaar de Beurshop-tentoonstelling te komen bezichtigen, het werd ons
    ingsgelijks toegelaten de Brouwerijen American, Leclerq en
    Verhulst en de Brouwersschool af te zien. In 1905 namen wij met
    onzen Bond deel aan het Congres van Luik. 

    De Heer De Keersmaeker van Wolverthem ontving ons insgelijks dit jaar om zijne drijfkuipen te toonen en ter gelegenheid van onze jaarlijksche algemeen vergadering, brachten wij een bezoek aan de maïs en bloemmolens van den Heer Camille Rypens. In 1906 woonden wij de Hopmarkt van Assche bij en bezochten de Brouwerij van den heer Dubois van Lebbeke.

    Het aangename werd zoomin als het nuttige in onzen bond
    verwaarloosd: de boog mag immers altijd niet gespannen staan!
    Elk jaar werd gesloten met een banket waar de grootste vreugde
    maar ook de beste eensgezindheid heerschte en welk voorzeker
    bijdroeg tot de goede overeenkomst tusschen de Confraters.

    Gij komt te bestatigen, Mijnheeren, dat uwe Bestuur, gedurende dit tienjarig tijdstip niet onledig is gebleven: dit is te danken aan
    onzer ieverigen voorzitter, den Heer Gustaaf Huybrechts die zich
    altijd heeft beijverd om voor onzen bond nieuwe leden bij te werven en zoo veel nut en verzet mogelijk te verschaffen!

    Trachten wij zijn voorbeeld te volgen, Mijnheeren, en ieder in het
    bijzonder te werken, opdat de eenige confraters die onzen bond
    verlaten hebben, of welke er nog geen deel van gemaakt hebben,
    weldra onze rangen komen vervoegen.

    Wij hebben ondervonden wat wij waren afgezonderd en wat wij kunnen vereenigd: elders ook zijn daar lessen uit te trekken. Ik las onlangs in eenige nota’s door den heer Grosfils zoon, geschreven, over zijne omreis in Duitschland en Oostenrijk het volgende:

    A Munich les grandes Brasseries qui se faisaient sur place,
    une concurrence néfaste, se sont syndiquées et ont admis un
    règlement qui A pur but d’abolir les principales concessions
    qu’ils faisaient à la clientèle. Bien leur en a pris, car les
    bénéfices qu’ils en ont retirés sont importants et la clientèle
    continue à leur rester fidèle.

    A Vienne, eest comme en Belgique, 1’entente fait complètement
    défaut: malgré les droits de fabrication élevés, tous les
    brasseurs se disputent la clientèle à coups de billets de mille
    florins et par 1’octroi de concessions sur concessions. On me cite
    deux Brasseries qui font le même bénéfice aves une production
    Tune de 200.000 hectos, l’autre avec une de 80.000 hectos.
    La moyenne de l’argent prêté A la clientèle s’éleve A Vienne A 10
    p. c. du prix de vente de la bière, aussi les plaintes sont-elles
    générales.

    Hadden wij over tien jaren ons niet vereenigd, het verlies door
    onze nijverheid geleden zou onberekenbaar zijn!
    Voor de toekomst, Mijnheeren, vergeten wij nooit de waarheid van onzen schoone Vaderlandsche leuze: Eendracht maakt macht!

    Louis Lamot.

    De bond ijverde verder, tot nut van ’t algemeen der Brouwerijen. Maar grootheid en verval beloeren elkaar. Met het stilaan verdwijnen van de brouwerijen, verminderde ook zijn belang.
    Hij stierf dan ook een stille dood. Van alle deze boomse brouwerijen kunnen wij spijtig genoeg de geschiedenis nog niet maken. Van twee bekende brouwerijen echter serveren wij u volgend relaas.

    De heer Etienne Maes komt als eerste aan de beurt. Hij doet zijn
    verhaal van de brouwerij ” Het Anker “.

    BROUWERIJ ” HET ANKER “.
    ————————
    Etienne MAES
    De familie Maes was eigenaar van een kleine steenbakkerij zoals er in de streek tientallen bestonden. Veel nieuwbouw was er niet en anderzijds werd er getracht de bestaande bedrijven te vergroten. De familie zag echter meer heil in een brouwerij dan in een steenbakkerij en zo startte “het Anker” omstreeks 1870.
    Met materiaal van de eigen steenfabriek werden café’s en de
    brouwerij opgetrokken in de Hoek aan de Spillemaeckerslei of zoals in de volksmond de “Fleskeslei”. Vader en 3
    zonen (Florent-Arthur en Henri) runden de zaak.
    Een andere broer (Charles) ging zijn eigen weg.

    Er waren toen te Boom 14 brouwerijen, ieder met zijn eigen biersoort. Wel bestonden er afspraken wat de verkoopprijs betrof.

    Tijdens de Eerste Wereldoorlog draaide
    alleen ” Het Anker” als grootste brouwerij van Boom. De anderen
    hadden hun koperen ketels moeten inleveren aan de bezetter
    zodat zij om beurt een brouwsel kwamen stoken. Toen de
    mouterij afbrandde, had Henri zich reeds uit de zaak teruggetrokken en wanneer in 1928 ook Florent overleed, bleef alleen Arthur met de weduwe van Florent nog over. Er werd toen een overeenkomst gesloten met de Anderlechtse brouwerij ” IMPERIAL” waar de zoon van Arthur als chemist werkzaam was. Exki-pils-Peerdje (Horse Ale) – stout en scotch werd daarvan betrokken.

    Limonade, met de bekende bierglazen knikkers, werd tot voor de
    Tweede Wereldoorlog aangemaakt. Een nieuwe wet op de gezondheid zou ook hieraan een einde maken. De gewitkalkte en geteerde muren moesten alle met steentjes worden bezet en
    voor een limonadefabrikatie was deze investering te groot.

    Tot 1970 draaide het bierstekersbedrijf.
    Toen werden (behalve de brouwerij) alle eigendommen overgemaakt aan de toenmalige brouwerij Lamot, (De Rolaf). Het Anker werd afgebroken en de grond verkocht aan de Scheepsbouwer de heer Eduard Vennekens.

    Een gedeelte tegen de Rupel en een stuk tegen de scheepswerf was vroeger reeds verkocht aan de heer De Wachter die de werf ook wenste te vergroten. Bij de afbraak stelde men vast dat de
    dakgebinten en de dwarsbalken (40 x 40 x 800) met houten
    kallen waren aan elkaar gezet. De grote Boomse pannen droegen nog de stempel MS (MaesSpillemaeckers). Het materiaal werd
    verkocht en 15 fermettes met 100-jarige steen werden
    hiermee opgetrokken.

    Als tweede in de rij, komt de brouwerij ” Lamot ltd”.
    We laten Dhr. Hubert Laureyssens, Directeur op rust, aan ’t woord.

    BROUWERIJ LAMOT ltd.
    Hubert LAUREYSSENS.
    De brouwersfamilie Lamot heeft meer dan waarschijnlijk haar roots te Willebroek. Noch Jan Lamot, noch zijn zoon Henri noch zijn kleinzoons Henri en Guillaume werden in Boom geboren.
    De achterkleinzoon Petrus echter werd op 16.7.1715 te Boom geboren, huwde op 15.10.1747 met Maria Catharina Hellemans, woonde Rue du Jardin Vert n°1 (au Veerdam), waarvan hij eigenaar was zowel als van het café De Rolaf. Hij stierf te Boom in 1796.

    Petrus Lamot had 3 kinderen : Gulielmus, Petrus Jacobus en
    Jan Baptist. Petrus Jacobus, geboren te Boom op 4.12.1758,
    van beroep caféuitbater, daarna brouwer, was eigenaar van
    café de Rolaf, met aanpalende huizen en terreinen. Hij is het die
    in 1801/1802 de brouwerij bouwde. Hij overleed op 3.10.1810.
    Zijn broer Jan Baptist (°17.5.1761) kocht van de kinderen en
    erfgenamen van Petrus Jacobus de brouwerij de Rolaf over.
    De oudste zoon Joannes Baptist ( uit het 2e huwelijk van zijn
    vader met Caroline Van Schooten) werd de volgende brouwer van De Rolaf, terwijl zijn oudste broer Minard Richard samen met
    zijn kozijn Jean Charles Lamot de brouwerij De Kroon kochten in
    1855.

    Hun jongste zuster Joanna Constance (°19.8.1828) werd de volgende eigenares van De Rolaf. Zij huwde op 10.9.1864 met Gullielmus Eduard Lamot, haar kozijn. Uit dit huwelijk werden Louis Lamot (13.12.1867) en Richard Lamot ( de latere pastoor van Waarloos) geboren.

    Louis Lamot, die huwde met Em. Van den Bril, had 6 kinderen
    waarvan Mr. Julien en Mr. Willy de meest bekende waren op de
    brouwerij. Mr. Willy specialiseerde zich in het aankopen van de
    hop en was bijzonder knap in het determineren van de luculine
    hoeveelheid in de hopbellen. Hij lag ook aan de basis van ‘t
    gebruik van Kentse hop in Lamot-bier.

    Het is algemeen geweten dat de brouwerij zowel putwater als
    rivierwater gebruikte voor haar brouwsels. Dit was ten andere
    vermeld in het brouwselboek. Zo staat in dit brouwselboek,
    brouwsel n°253 van woensdag 10.12.1913 ingeschreven door meester Brouwer Frans Lodewijckx, als laatste brouwsel waarin rivierwater werd gebruikt.

    Frans Lodewijckx bleef tot bij zijn pensioen in 1930
    meester-brouwer bij Lamot. Deze jonge Bomenaar volgde op raad van Mr. Lamot de brouwerijschool te Gent. In alle eenvoud drukte hij zijn kennis als volgt uit:
    Met veel goed, veel goed maken, kan iedereen.
    Maar met weinig goed, veel goed maken, dat is de kunst.”
    Frans Lodewijckx was niet alleen meester-brouwer.

    In zijn vrije tijd ontpopte hij zich tot een gewaardeerd
    kunstschilder. Bekend waren vooral zijn muurschilderingen zowel in zijn huis (Antwerpsestraat) als bij zijn schoonzus,
    (toevr. Lodewijckx-De Wit) Spijtig genoeg werden deze bij
    verbouwingswerken vernield.

    Van zijn hand is ook een schilderij die het volledig brouwerij
    complex voorstelt. Herberg, brouwerij en meesterwoning,
    geschilderd tussen 1907-1913. Deze schilderij kreeg na het
    overlijden van Mr Willy op 20.4.1992 een ereplaats in de woning
    van zijn oudste zoon Jean-Louis Lamot te Lasne.

    Na het pensioen van Frans Lodewijckx werd Louis Van Gompel
    meester-brouwer te Boom. ’n Pittig detail uit de carrière van
    Louis was het feit dat hij uitgerekend op 1 mei 1930 zijn eerste
    brouwsel stookte met als gevolg dat hij niet kon opstappen in de
    1 meistoet.
    Geschiedenis van Lamot Ltd.

    Louis Lamot, die op dat ogenblik reeds een associatie had met de
    Brasserie de La Couronne en de Brasserie de La Plaine stichtte in
    1927 met zetel te Londen ” Lamot Ltd “. De hoofdzetel zal tot 1932 in Londen blijven. Louis Lamot stichtte “Lamot Ltd” te Londen zonder de meerderheid der aandelen te bezitten. Deze meerderheid was in handen van Engelse kapitalisten en kleinere beleggers. Door toedoen van bankdirecteur Camille Verheyden werden stuk voor stuk aandelen aangekocht op de Engelse beurs.

    In 1932 kon Louis Lamot de hoofdzetel van Lamot Ltd naar Mechelen overbrengen. Na zijn overlijden in 1943 ging stilaan de verstandhouding tussen zijn kinderen verslechteren: zij waren jaloers op elkaar omwille van ’t feit dat de een meer aandelen bezat dan de andere. 

    Op 3/9/1970 kocht Bass Charrington, een Engelse groep,
    de totaliteit der aandelen van de kinderen Lamot op en werd de
    grote baas. In januari 1971 werd het laatste brouwsel te Boom
    gestookt.

    Na Bass Charrington ging de brouwerij over in handen van de
    brouwerij Piedboeuf, die op haar beurt opgeslorpt werd door
    de gigant Interbrew. Fondation Louis Lamot.

    Uit eerbied voor zijn vader Louis Lamot schreef Mr. Willy Lamot
    in zijn testament een bedrag van 20.000.000 Bfr. in voor de
    oprichting van ” La Fondation Louis Lamot”. De statuten van
    deze Fondation verschenen in het Belgisch Staatsblad van
    28.01.1993 onder de rubriek verenigingen zonder winstoogmerk
    Akte n°977 (SC-18.435)

    DE KERKHOFSTRAAT
    Brouwen is goed, maar er moet ook gedronken worden.
    Als er nu één straat is in Boom die de eer gehad heeft het meest
    aantal café’s op haar straatlengte te hebben geherbergd dan is
    dat wel de Kerkhofstraat.(om de mensen te troosten).
    Niet minder dan 34 drankgelegenheden maakten dat de Kerkhofstraat de “pole position” innam.

    Wie herinnert zich nog die 34? Mevrouw Celine Van Aken kon de
    ganse serie nog te voorschijn toveren

    We vertrekken aan de Varkensmarkt en rekenen dus
    ’t café van de Raeymaecker niet mee.

    1. Café Centrum (Duivenbond)
    2. Miel De Saeger
    3. Staaf Lamoen
    4. Jeng van de Rotte ( Eyckmans)
    5. Jef Kennes (Doelschutters) In de Wip ?
    6. Mil Van de Gillaö
    7. De Witte Van Leuven ( In den Duivenbond)
    8. Zwart Liezeke
    9. Van der Donck
    10. Witte Thys
    11. De Fremmer
    12. Lotje
    13. Van Camp – Pe Van De Juge
    14. Linneke Fordel
    15. Tille de Rotte (De Wit) Zwarte Tille
    16. De Wilde Man
    17. De Matié
    18. Tille De Blaer
    19. Roos De Ritser
    20. Witje Lemmens
    21. Leon Van Aken
    22. Rikske De Mandy
    23. Manke Frans
    24. Anna Van den Boest ( De Herdt)
    25. Segers
    26. Finneke Van den Berling
    27. Staf Snoekske
    28. Tille van Dyck
    29. Schele De Wit.
    30. De Rosse Garde
    31. Frans de Bruyn
    32. Jaak De Kette
    33. Jan van Kontje
    34. In de 34e
    Waar is den ouderen fierheid heengevaren ?

Digiprove sealCopyright beveiligd door Digiprove © 2019 Marc Verlinden

Geschiedenis van de gemeente Boom