BIJDRAGEN TOT DE GESCHIEDENIS VAN HET SPOORWEGVERKEER TE BOOM

image_pdfimage_print

Terug naar overzicht jaarboek 1997-1998

door Harry Van Royen, lic. hist.

De 19de eeuwse startfase

I Voorgeschiedenis

In de loop van de tweede helft van de 18de eeuw waren handelaars en industriëlen zeker vragende partij naar snellere, betere en goedkopere transportmiddelen dan de toen bestaande toestand van semi-bevaarbare rivieren en rommelige wegen. Het centrale gezag te Brussel én Wenen had eveneens oog voor deze noden; een betere transportontsluiting kon immers alleen maar handel en nijverheid stimuleren. Niet alleen werden octrooien verleend aan ondernemende handelaars, maar tevens werden de Staten, zoals van het hertogdom Brabant, gestimuleerd om openbare werken uit te voeren. De stedelijke burgerij speelde eveneens mee; zowel de Leuvense als de Brusselse ondernemende burgerij wilden de verkeerstechnische toestand van hun stad verbeteren. Vanuit Leuven resulteerde dit in het graven-van de Leuvense Vaart, terwijl ook het steenwegennet werd aangelegd. De steenweg Antwerpen-Boom kwam er op initiatief van Brussel, dat op die manier de onvoorspelbaarheid van de weers- en seizoensgebonden invloeden op de Schelde wilden wegwerken.

Die verbeterde weginfrastructuur maakte dat de toenemende vrachtvolumes werden geconfronteerd met verschillende tolbarelen en met een niet onaanzienlijke kostprijs van vier paarden en minstens een voerder per transportwagen. Nieuwe transportverbeteringen werden dan ook gezocht én gevonden in de mijnbouw. In de Europese mijnbouw was het systeem van spoorwegen immers reeds lang bekend. Deze gelede banen waren er eveneens gekomen om de steenkool en de ertsen gemakkelijker uit de mijn weg te krijgen en ze vlotter naar de wachtende vrachtboten te transporteren: verschillende wagens konden dan ook getrokken worden door slechts een paard en een begeleider, wat een belangrijke minprijs op vlak van transportkosten betekende. Een verdere aanzet gaf de constructie van stoomlocomotieven, die groeiden uit de stoommachines die vanaf het midden van de 18de eeuw in het Verenigd Koninkrijk werden gebruikt om in eerste instantie de pompen van het sterk toegenomen aantal mijnen te bedienen.

De Stoommachine ‘Thomas Newcomen’ werd al in 1790 gebruikt in de Britse mijnindustrie
(Foto: https://spartacus-educational.com)

 

Geschiedenis van de gemeente Boom