DE ORGANISATIE VAN DE BOERENKRIJGHERDENKING TE BOOM…100 JAAR GELEDEN!

image_pdfimage_print

Anderzijds beroepen de Vlaamsche Zonen zich op het feit dat ze de ondersteuning van het gemeentebestuur genieten en bewaarde het gemeentebestuur deze streekkrant met opgave van de herdenkingsplechtigheden zorgvuldig als een archiefstuk.

Alle deelactiviteiten van dit herdenkingsprogramma (zowel geestelijke als wereldlijke) hebben plaats op één en dezelfde zondag, 28 augustus 1898, te zien als tweede toegevoegd kermisoctaaf. En het moet worden gezegd: er is -naast de gelegenheidscantate “De Boerenkrijg” gezongen door de zangmaatschappij Vlaamsche Zonen- niet veel meer overeind gebleven van de voorontwerpen van
provincieraadslid D’Hooghe-Bellemans: geen Te Deum, geen muziekfestival, geen gedenkplaat, geen bouwschilder-of toonkunstenaars.

Naar alle waarschijnlijkheid zal ook de fameuze gift van 200 fr. geschonken door het Davidsfonds terug ingetrokken zijn. Wel is er het concert van de harmonie De Rupelzonen en een optocht met negen Boomse maatschappijen. De Boerenbond stapt mee op, het Davidsfonds ontbreekt…! Of zijn onze Boomse Davidsfondsers in dat weekeinde mee naar Hasselt getrokken, waar Davidsfonds-nationaal groots opgezette “Landdagen” organiseert, geïntegreerd in de Boerenkrijgherdenking aldaar?

Ik vond nog een ander spoor in het (tussen okt. 1897 en okt. 1898 tweemaal per maand verschenen) tijdschrift “De Boerenkrijg”, waarin telkenmale een inschrijvingslijst voorkomt voor giften ten voordele van het op te richten gedenkteken te Hasselt. In één van de laatst verschenen nummers (dit van 1 september 1898) zien we dat dhr. D ‘Hooghe-Bellemans, voorzitter van het Davidsfonds, Boom, schepen en gouwraadsheer te Niel, intekent op deze lijst voor een bedrag van 10. fr., gevolgd door nog een zevental Nielse notabelen, waaronder burg. Tuyaerts en pastoor Wouters.

Blijft nog de vraag of er ergens een verslag terug te vinden is van de
herdenkingsplechtigheid zelf op zondag 28 augustus 1898. Wat het Handelsblad betreft: geen spoor! Die krant besteedt in die dagen veel aandacht aan de Boerenkrijgherdenking te Hasselt waar de hiervoor vermelde “Landdagen” met diverse colloquia en de feestelijke inhuldiging van het Boerenkrijg-gedenkteken plaatsvinden. En de Boomse verslaggever rept in zijn eerstvolgende brief (na de festiviteiten) eveneens met geen woord over de Boerenkrijgherdenking te Boom.

Mogelijk is het zangfeest “in mineur” geeindigd, zoniet hadden we in het Boomse gemeentearchief of in het Handelsblad waarschijnlijk toch wel een verslag gevonden. Of was de briefwisselaar uit Boom, zoals Het Handelsblad haar correspondenten steeds naamloos placht aan te duiden, misschien ook mee naar Hasselt en wou hij derhalve geen verslag geven van iets wat hij niet eens had gezien? 1Op de website dbnl.org vinden we een digitale versie van het boek ‘Onze Boeren Verheerlijkt’ dat in 1903 werd uitgegeven door het Davidsfonds. Op de pagina’s 162&163 van dat boek staat over de festiviteiten in Boom het volgende te lezen: 28 Oogst 1898 FEESTCOMITEIT. De feesten werden ingericht door de zangmaatschappij « De Vlaamsche Zonen ». — Wij mogen dus het bestuur dier maatschappij als feestcomiteit aanzien. Voorzitter, Jan de Wit. — Ondervoorzitter, Frans de Gang. — Schrijver, Lodewijk Smets. — Schatbewaarder, Jan Lodewyckx. — Zangmeester, Lodewijk van den Brande. — Leden, Edward Breeus; Karel Francquet ; Jan de Aspé ; August Mercelis ; Lodew. van Camp.  FEESTSCHIKKINGEN. Zaterdag, 27 Oogst, ’s avonds om 7 1/2 ure. Feestgelui. Zondag 28 Oogst, 9 ure, optocht der verschillige maatschappijen. 10 ure, plechtige Hoogmis met groot orkest. Daaronder gelegenheidsaanspraak door den E. H. Beten, pastoor-deken van Boom. Na de mis, nieuwe optocht door de straten der gemeente. 13 ure, uitreiking van herinneringsmedaliën. 19 ure, concert op de Markt door de Rupelzonen, fanfarenmaatschappij en de Vlaamsche Zonen. (Uitvoering van het koor van Sevens en Dierckx).

Deze -nog niet bewezen gedachtengang- sterkt de stelling dat hij deel uitmaakt van het Boomse Davidsfonds-bestuur en wel eens de
beambte Gustaaf Vereycken zou kunnen zijn, die voor de eerste maal als secretaris van het Davidsfonds vermeld wordt in 1892 en pas in 1924 vervangen wordt door A. Gillé, en wiens naam zelden of nooit voorkomt in de verslaggevingen over Davidsfonds-activiteiten
gepubliceerd in het Handelsblad.

Erg lang heeft het voorzitterschap van provincieraadslid D’Hooghe-Bellemans niet geduurd, reeds in 1901 noteren we -als derde voorzitter op rij van het Davidsfonds Boom-Dhr. Emiel Gobbers, gemeentesecretaris en provincieraadslid (idem o.a. in 1907), een vandaag voor ons onvoorstelbare cumul van mandaten. Het ledenaantal van het Davidsfonds was onder stichtend voorzitter Holemans tussen 1884 en 1892 teruggevallen van 175 naar 70 leden. Bij D’Hooghe-Bellemans bleef het tussen 1897 en 1901 status quo met zo’n 115 leden. Onder Emiel Gobbers wist men het ledenaantal op één jaar tijd te verdubbelen naar 230 leden!’2Met dank aan Jan Bellon voor toegestane lezing van Davidsfonds-archief-documenten: -Vlugschriften door het Davidsfonds uitgegeven, L,euven 1877 -Jaarboeken van het Davids-Fonds voor …(1895-1892-…), Leuven 1895-1892-1901 e. a. -Armand Bal, Davidsfonds Boom 1875-1975, (fotokopij van originele scriptie)

 

Geschiedenis van de gemeente Boom