Categorieën
Artikels jaarboeken

DE PREDIKHERENHOEVESTRAAT

Voor de streek van Reet blijft dit een oude maar zeer boeiende historie. Het moet reeds begonnen zijn voor 1473, want in de “Lenen van het Leenhof van Mechelen” vinden wij dat de Predikheren niet zo graag van deur tot deur gingen bedelen, maar liever met grondeigenaars contracten maakten, jaarlijkse renten opbouwden, stichtingen en fundaties laten gebeuren of gunsten verkregen waardoor ze jaarlijks konden delen in de oogst van graan, tarwe, boekweit en telkens zoveel sisters graan (zuster = 25 liter) naar het klooster konden meenemen.

Een paar voorbeelden: op het goed te Aartselaar en Reet dat Adriaan Sanders te leen houdt van Roelant van Berchem hebben:

“item die heeren van der predicaren ordenen tot Antwerpen syn jaerlycs heffende op des voers.  goedern erfelyc III zijster roxcs”1O.H. Thijs: Lenen van het Leenhof van Mechelen te Schelle en Niel, in Vl. ST. Vll (l971)l9..

“item brueder Cornelis Breme es jaerlycs heffende op des voers. Adriaensgoeden, in den name van der Predicaren Oordenen tot Antwerpen XX s.gr. ”

“item die heeren vander Predicaren oordenen tot Antwerpen syn erffelijc heffende op deze voers. goeden (van ridder Coenraet Pot te Kontich) IIII viertelen racx”.2ld. in Vl.St. VIll(1972)455en IX(1973)428.

In de rand staat er uitdrukkelijk bij dat deze door de procurator van het klooster, Cornelis vanden Broeck, opgehaald worden. Deze procurator was een echte zakenman die verder zag dan de wekelijkse inkomsten en uitgaven. Er moest bestaanszekerheid komen voor jaren en jaren, met vaste inkomsten. Zijn bekwaamheid als financier was tot in Rome gekend en als er daar in de loop van 1491 klachten binnen kwamen over financieel wanbeheer in de nonnenkloosters der monialen dominicanessen te Hertoginnedal, beveelt de magister-generaal (1491 / 25 november) aan Cornelis vanden Broeck te Hertoginnedal de toestand te onderzoeken en de zaken op orde te stellen.

Cornelius vanden Broeck werd geboren te Mortsel, trad ca. 1460 in het dominicanenklooster te Antwerpen, studeerde, naar eigen getuigenis, zes jaar aan de universiteit van Leuven, was ongeveer 16 jaar werkzaam te Geel, werd reeds voor 1473 procurator van zijn klooster, wordt nog subprior in de jaren 1490 en 1491, viert in 1518 Zijn 50 jaar kloostergeloften, en als hij 66 jaar in ’t klooster heeft gewerkt, – een oude man, ver in de tachtig— komt hij nog getuigen in een proces tussen het klooster en het O.-L.-Vrouwkapittel om zijn klooster te verdedigen. Hij sterft het jaar daarop op 2 juli 1526.3A.M. Bogaerts o.p. Repertorium, p.8.

Onder zijn beleid werd op 20 september 1479 te Reet van een zekere Willemde Lieu een hoeve gekocht met 16 bunder land en bos. Dooreen gerechtelijke tussenkomst werd hier op 3 juni 1508 nog 7 bunder bijgevoegd en een twintig jaar later— op 24 maart 1526— werden er door het klooster nog 6 “bunderen” aangeworven.4Stadsarchief Antwerpen, Schepenreg. 139 f° 129r (1512/1 maart) en C. Peltiers o.p.: Declaratie van goederen die de predickheerenclooster tot Antwerpen heeft. Declaratie van 12 april 1787 aan de regering van de Oostenrijkse Nederlanden. RAA, Kerk. Arch. Dominikanen nr.4.

Over de plaats waar deze gronden te Reet gelegen waren, vernemen wij eerst op 31 maart 1535 dat de aangekochte hoeve, nu “Predikherenhoeve” genaamd, gelegen was naast de boerderij de “Bukelaer”, die Joos Bal in pand geeft. Welnu, volgens het Cartularium van Sint Bernaards te Hemiksem paalde de Bukelaer “west aan ’s Heerenstraet, oost aan Jans Verbiest erve, zuydt aen Joest Van Standonck erve, ende noordt aen der Preekheeren van Antwerpen”5Cartularium st. Bemaerds Rub. IIIp.177. Bij latere beschrijvingen zal deze ligging te Reet nog klaarder worden afgelijnd.