Categorieën
Artikels jaarboeken

DE OVERSTROMING VAN 12 MAART 1906

Terug naar overzicht jaarboek 1999-2000

De overstroming van 12 maart 1906

door Marc Verlinden

De Rupel, waarlangs onze gemeente is gelegen, heeft voor Boom in het verleden gezorgd voor economische bloei en werkgelegenheid. Zo zullen de bakstenen die vervoerd werden via het water reeds lang niet meer te tellen zijn.

Diezelfde Rupel heeft echter ook al heel wat ellende teweeggebracht. Net als de bakstenen, die niet meer te tellen zijn, zo zijn ook de overstromingen door de eeuwen heen stilaan ontelbaar geworden.

In het Rijksarchief van Antwerpen kan je een dossier raadplegen, aangaande de natuurrampen die er in Boom hebben plaatsgehad, waaronder de overstromingen. De beginperiode van dit dossier vangt rond 1817 aan.

Zo bevat dit dossier ook de grote overstroming van 12 maart 1906 waarvan je dus in dit artikel meer zal vernemen. Ik vestig uw aandacht op “grote overstroming want Boom heeft er ook zeer veel “kleine” gekend, waarvan geen archiefstukken bestaan.

Toen ik mijn jeugdjaren doorbracht in de Vrijheidstraat was het “normaal” dat onze straat enkele malen per jaar onderliep. De lezers die tijdens de jaren ’70 in de Vrijheidstraat woonden zullen zich dit zeker herinneren.

Sommige bewoners van die straat hadden aan de voordeur profielen aangebracht. Bij een overstroming kon men daar dan een plank inschuiven. Voor deze plank nog enkele “Vaderlanderkes” en dan maar hopen dat de schade beperkt bleef.

Als kind beleef je dit natuurlijk anders. Dan is dit alles spannend, en soms was het ook nuttig als de overstroming plaatshad op het moment dat ik ‘s morgens naar school moest. Ik moest dan tegen mijn goesting thuisblijven…

In het begin van de jaren ’70 woonden wij op Noeveren in huisnummer 1. Dit huis is ondertussen afgebroken en bevond zich aan de scheepswerf Van Den Bosch”.

Vlak naast ons huis bevond zich een beek die de scheiding vormde met de vroegere zinkfabriek. Het was deze beek die ons als kind veel plezier heeft doen beleven. Zij stond immers in verbinding met de Rupel en was zodoende ook onderhevig aan het getij.

Onze tuin, die aan de scheepswerf grensde, was lager gelegen dan het huis. Bij een overstroming hadden wij dus een privé-meertje. We maakten een vlot en hadden zodoende dagenlang vaarplezier en dit tot het water geheel was weggetrokken.

Tot hier de positieve kant van een overstroming die niet opweegt tegen de negatieve. Wij hadden het geluk dat enkel de kelder onderstroomde, en niet het huis, wat bij vele mensen wel zo was. Buiten al de materiële schade die zij opliepen hadden zij dan ook nog een stank in hun huis. Gelukkig is deze periode nu voorbij en hopelijk blijft dit ook zo.

Toen ik dit artikel schreef probeerde ik mij het dagelijkse leven in te beelden van de mensen in die vooroorlogse periode. De meeste bewoners van de wijken Hoek, Noeveren en Vrijheidshoek waren arbeiders, waarvan er velen waren tewerkgesteld in de steenbakkerijen. Het waren deze hardwerkende mensen die regelmatig geplaagd werden met overstromingen.

Het levensnoodzakelijke drinkwater kwam uit waterputten die bij een overstroming niet zelden werden bezoedeld door het Rupelwater vermengd met uitwerpselen. Het gevaar voor ziekten was dan ook niet ondenkbaar.

In hun kelders lagen o.a kolen en eetwaren opgeslagen. De tuin, die nu voor de meesten onder ons een liefhebberij is, was voor hen van levensbelang. Een overstroming berokkende in die tijd dus niet alleen materiële schade, maar was ook levensbedreigend. Het was in vele gevallen een kwestie van te overleven.

De archiefstukken die ik voor dit artikel heb geraadpleegd bevatten grotendeels de briefwisseling tussen het gemeentebestuur en het provinciebestuur. Gelukkig bevat het ook twee lijsten met de namen van de getroffenen en de schade die zij opliepen. Zo kunnen we ons een beeld vormen van de omvang van de ramp.

Later hoop ik het hele dossier van de natuurrampen te kunnen publiceren. Hiervan zal de overstroming van 1906 een hoofdstuk vormen.

Vooraleer je dit artikel begint te lezen is het misschien handig om te weten dat de originele tekst van de archiefstukken cursief gedrukt is.

Marc Verlinden