Categorieën
Artikels jaarboeken Naamkunde

Naamkunde

3. Beroepsnamen

Deze namen kunnen ons een mooi beeld geven van de bedrijvigheden in de dorpen, maar vooral ook in de steden. Ook openbare ambten horen hier thuis. Een probleem ook hier is weer dat de woorden niet meer zo bekend zijn. We kunnen dan een middelnederlands woordenboek raadplegen.

Vbn.

Huysman(s) (landbouwer, boer, pachter)
De Coman, Koopman
De Herde, De Her(d)t (de herder)
De Maerschalck (paardenknecht, -smid, -meester) Schoesitters, Schoeters (schoenmaker: hij die het leer tot schoenen naait)
De Preter, De Praetere (Latijn: pratum: veldwachter) Naegels (de nagelsmid)
De Mesmaeckers, Meskens
Molenaars, Meuleneers
De Smet, De Smid, Smeets (regionaal)
De Raeymaekers (wielenmaker)
De Pooter (poorter: stedeling)

4. Psychische of fysische eigenaardigheden

Karakteriële of lichaamlijke kenmerken, die heden te dagen nog inspiratie geven aan de bijnamen (bv. op school). Naast het uiterlijk kan ook bijvoorbeeld het uithangbord van een herberg of een winkel doorslaggevend geweest zijn.
Vbn. De Bruyn(e), De Groot, De Grote, De Jonge, De Oude, De Rijcke, De Wilde, De Wijze, De Vroede (verstandige), De Witte, De Moor (de zwarte), De Caluwé (kaal), Mannekes, Voet, Olvoet, …

Hier kunnen we ook de dierennamen onder plaatsen, die menselijke karaktertrekjes moeten weergeven. Denk maar aan het verhaal van Reinaard De Vos! We kunnen hier terug de band leggen met de Germaanse naamgeving, waar ook karakterkenmerken een belangrijke rol speelden!
Vbn. De Haan, De Vos, De Vogelaer, …

Een definitie, die een hele zin weergeeft:
Vbn. Casenbroot (hij die altijd kaas bij zijn brood eet), Bytebier (hij die met smaak zijn bier drinkt), Drinkwater (hij die water drinkt),…

U ziet de reeks is oneindig!

Als afsluiting: wanneer zijn onze familienamen vast geworden?

Dat gebeurde bij het decreet van Napoleon in 1811. Wie nog geen naam had, moest er een kiezen, deze werd dan vastgelegd. Helaas waren er nog geen identiteispapieren, de naam stond alleen officieel opgeschreven bij de gemeente. Wanneer de mensen hun naam voor een of andere gelegenheid opgaven, vervormde de naam dikwijls door de uitspraak of schrijfwijze. Zo zien we nog in heel de 19de eeuwen een stuk van deze eeuw wijzigingen in de boeken van de burgerlijke stand. Sinds 1914 – 1918 hebben we een identiteitskaart, daardoor kunnen ook ongeletterden hun naam tonen.

Tot besluit: we hebben een hele weg afgelegd van de Germaanse namen tot de toenamen, voornamen en familienamen. Mocht U genealogen zijn, wens ik U veel genot bij het opzoeken van uw voorouders en het opsporen van de etymologie, de verklaring van hun namen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.